TerugGa terug
  • Aantal reacties: 0

Foto: De Maassluis Waterwegboulevard is bijna afgerond, maar wordt nu al door tal van verschillende mensen gebruikt.Vissers, ouderen die een praatje maken, spelende kinderen, wandelaars en fietsers. 


KRITISCHE HOUDING
De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur bevestigde onlangs weer ons vermoeden. De tijd van grote investeringen in de openbare ruimte is echt voorbij. Zo langzamerhand kennen we de boodschap; we moeten bezuinigen en verduurzamen. Grondbeleid levert gemeentes minder geld op, dus indirect ook minder geld voor de buitenruimte. Volgens de Raad moeten gemeenteraden scherpere keuzes maken als het gaat om basiskwaliteit in de openbare ruimte.

Deze boodschap is zo klaar als een klontje. Door ambities vooraf met elkaar uit te spreken hoeft kwaliteit wat ons betreft nooit een sluitpost te zijn. Het vergt wel een kritische blik op het (toekomstig) ruimtegebruik; voor wie maken we een ontwerp en welke voorzieningen zijn onmisbaar? Moeten we nu al alles vastleggen of laten we ruimte voor eigen invulling?. Een ontwerp kan flexibel zijn, op meerdere manieren te gebruiken en/of groeien in de tijd.

MULTIFUNCTIONEEL
Bij de recente oplevering van de Waterwegboulevard in Maassluis, plukten we de vruchten van onze strategische samenwerking met de gemeente Maassluis. Een eenvoudig ontwerp waarbij multifunctionaliteit het doel was. De basis van het ontwerp: een mooie, slingerende betonnen parkband die diverse verblijfruimtes aan elkaar rijgt. Met daarbinnen volop ruimte voor iedereen; van wandelaars tot voetballende kinderen en van vissers tot evenementenbezoekers. Door goede uitwisseling van kennis op gebied van materialisatie, kosten, beheer en relevant beleid, hebben we samen met de gemeente een verrassende, haalbare en duurzame invulling van de boulevard gerealiseerd.

VASTE KOST
We zijn het eens met het advies van de Raad dat noodzakelijke sturing op maximale kwaliteit nodig is als we kijken naar de openbare ruimte om ons heen. Daarom zouden dit soort integrale en multidisciplinaire samenwerkingsverbanden voor elke Nederlandse gemeente vaste kost moeten zijn.

Gebruiks-, belevings- en toekomstwaarde moeten worden vastgelegd in een ambitie en vormgevingsdocument. Oftewel beschrijven wat echt ‘moet’ en loslaten waar dat kan. Als kwaliteitsbewakers pleiten wij voor een rol tot en met de uitvoering en zelfs in de nazorg. Deze rol vervullen we met een open vizier, uiteindelijk blijft het toch mensenwerk. Eventuele aanpassingen in het werk – en tijdens de bouw, treden we met een creatieve en open houding tegemoet. Ter plekke bedenken we gezamenlijk kwalitatieve oplossingen die in lijn liggen met het concept en de ontwerpvisie. Deze werkwijze vraagt om een tikkeltje durf maar levert zeker de gewenste kwaliteit op.

Geef een reactie